Trends in e-business
Partena Ziekenfonds vroeg me om, voor de stuurgroep Internet, een workshop rond 'Trends in e-business' te verzorgen.
Dit zijn mijn nota's voor deze workshop.
Trends in e-business
A. Algemene trends
Misschien eerst beginnen met een aantal algemene trends.
Een Amerikaanse studiegroep, The Center for the Digital Future, heeft onlangs een internet rapport gepubliceerd. Dit gaat over de Amerikaanse markt, maar ik denk dat de trends kunnen doorgetrokken worden naar hier.
Het volledige rapport vind je op : http://www.digitalcenter.org/
Een korte samenvatting :
- 3/4 van alle Amerikanen gaan online
(hoofdreden niet online : geen computer) - residentieel internet acces : 2/3 van de gezinnen
- stijgende tijd online : nu gemiddeld 12.5 uur per week
- internetgebruik overspant alle leeftijden
- populairste activiteiten :
- E-mail and instant messaging 90.4%
- Web surfing or browsing 77.2%
- Reading news 52.0%
- Hobbies 46.7%
- Entertainment information 45.6%
- Shopping and buying online 44.2%
- Medical information 36.1%
- Travel information 34.6%
- Tracking credit cards 32.5%
- Playing games 28.5%
Conclusie : internetgebruik blijft stijgen, dringt binnen bij alle gezinnen.
Men spreekt van 'internet as commodity' -> internet wordt iets dat er constant is, als stromend water, electriciteit, licht...
Dit zijn de algemene trends over internet en internetgebruik.
Er zijn altijd wel nieuwe 'trends' in de technologie- en internetwereld.
Ik kan bv. spreken over
- 'location based services'
- 'wireless without internet'
- 'wimax'
- 'mobile video'
Maar liever dan spreken over technologische trends, wil ik het hebben over 'gedrags'-trends, wijzigingen in de manier waarop mensen werken, denken, leven...
Ik zal het hebben over drie meer specifieke trends.
B. Collaborative Tools & User Empowerment
1. Inleiding
De laatste jaren is er een trend naar 'user empowerment'. Gebruikers, klanten, krijgen meer en meer 'macht' in handen, worden meer en meer aangespoord om zelf hun zaken af te handelen.
Voorbeeld : self-scanning, en nu ook self check-out in supermarkten.
(artikel De Tijd, 13/10)
Voorbeeld : geldautomaten in banken.
Heeft te maken met de opkomst van een generatie van mensen die zelfbediening verkiest boven bediening.
"Tien jaar geleden gaf in Nederland nog meer dan de helft van de mensen de voorkeur aan het afhalen van geld aan het loket boven een geldautomaat. Nu verkiest meer dan 70% een automaat boven een loket."
Voordeel voor klanten : winnen tijd, hoeven niet te wachten, voelen zich 'empowered'.
Voordeel bedrijf : kostprijs.
Voorwaarde : wordt ondersteund door de juiste technologie !
Ook in de IT- en internetsector maakt deze trend opmars.
Drie voorbeelden : Linux, Wiki, Slashdot.
2. Linux
Linux in een OS, vergelijkbaar met Windows of Apple OS X of UNIX.
In tegenstelling tot de andere, is Linux gratis : je kan het gratis gebruiken, je betaalt geen licentiekosten.
Linux is ook niet gemaakt door één centraal softwarebureau. De broncode is vrij beschikbaar, en iedereen kan uitbreidingen of bug-fixes inbrengen - op voorwaarde dat die uitbreidingen ook vrijelijk mogen verdeeld worden.
Op dit moment gebruiken multinationals als IBM en HP Linux.
Programmeurs die aan Linux werken, worden dus niet betaald...
3. Wiki
Oorspronkelijke beschrijving van Wiki :
"The simplest online database that could possibly work."
Wiki is een stukje server software dat gebruikers toelaat webpagina's aan te maken en te editeren.
Mooiste voorbeeld : Wikipedia.
Wikipedia is een on-line encyclopedie. Bezoekers kunnen zelf artikelen toevoegen of wijzigen.
Hoewel hier de grootst mogelijke vrijheid heerst, is Wikipedia ondertussen uitgegroeid tot één van de beste documentatiemiddelen.
Ook hier werkt 'user empowerment'.
En dit terwijl mensen die bijdragen leveren, hier geen 'fysieke' beloning voor krijgen...
4. Slashdot
Slashdot is de populairste nieuwssite voor IT'ers in de wereld, met 80 miljoen opgevraagde pagina's per maand.
Ook hier kan iedereen nieuws, en commentaar daarop posten. Dit verschijnt automatisch op de site.
In het begin werden de artikelen gepost door een kleine groep redacteurs, en werden de commentaren gemodereerd door diezelfde kleine groep. Dit was op een gegeven moment, door de sterke groei, niet meer mogelijk.
Daarom werd er een software systeem gemaakt, 'Karma' genoemd, dat zorgt voor een automatische filter.
Als je iets post, kunnen andere gebruikers daar 'punten' aan geven. Op die manier verzamel je een puntenscore, 'Karma', die de relevantie van je post zal bepalen. Als jouw posts consequent slechte cijfers haalt, zal je een laag Karma hebben - en zal jouw post verdwijnen.
Bovendien is er 'meta-moderatie'. Af en toe wordt je gevraagd om de puntenscoring die anderen gegeven hebben te evalueren. Maw vind je dat deze scoring terecht was of niet ? Iemand wiens scoring consequent slecht beoordeeld wordt, zal zijn Karma ook zien dalen.
Dit systeem blijkt in de praktijk goed te werken. (Het is ook nog complexer dan hier uitgelegd...)
Weer : ondersteund door de juiste technologie, blijkt 'user empowerment' niet alleen de kosten naar beneden te halen, maar zelfs de kwaliteit naar boven te halen.
5. In de praktijk
Naarmate zo'n collaborative tools succes kennen, zullen mensen deze voor al hun interacties met bedrijven zoiets beginnen verwachten en zelfs eisen. (Stel je voor dat de banken vanaf morgen alle betaalautomaten en geldautomaten afschaffen...)
Voorbeeld : vragen die gesteld worden aan het Ziekenfonds.
Er zijn verschillende mogelijkheden om deze te beantwoorden. Ik deel ze op in drie categoriën : one-to-one, one-to-many, many-to-many.
One-to-one : klant stelt vraag via telefoon, e-mail, in kantoor. Ziekenfonds antwoord rechtstreeks aan klant (via telefoon, e-mail of medewerker).
One-to-many : veel gestelde vragen en hun antwoorden worden gepubliceerd - op website, in brochures...
Many-to-many : laat de gebruikers hun vragen stellen op een open webforum, en laat ze elkaars vragen beantwoorden...
C. Versmelting van verschillende media
1. Inleiding
Zoals in de inleiding gezegd, neemt internet meer en meer 'overal' een plaats in (men spreekt van 'ubiquitous' internet), wordt het een 'commodity'.
Dit sluit aan bij de volgende trend, versmelting van verschillende media.
Op je TV kan je binnenkort internetten, en films downloaden.
Op je computer kan je naar muziek luisteren en films bekijken, je kan er mee telefoneren.
Je gsm wordt meer en meer een zakcomputer, waarmee je spelletjes tegen elkaar kan spelen, je mails kan bekijken...
Je kan via het internet SMS-jes versturen naar GSM's.
Met je gsm kan je foto's nemen, en muziek (mp3 of radio) spelen.
Voorbeeld : Apple iPod & U2.
Verschillende media groeien langzaam naar elkaar toe.
2. Digitale televisie
http://www.digitale-televisie.be
In 2005 lanceren zowel Belgacom als Telenet hun project rond 'digitale televisie'. Deze projecten zijn nu in de testfase.
Daarmee kan je programma's bekijken op aanvraag, films bekijken op aanvraag, surfen op je tv, interactief deelnemen aan tv-programma's, bankieren op je tv...
Dus :
Nu : sms-en om te stemmen op Idool.
Binnenkort : stemmen via afstandsbediening van digitale tv.
Nu : DVD halen in videotheek.
Binnenkort : film kiezen uit de online bibliotheek, en onmiddellijk beginnen kijken via digitale tv.
Nu : programma's die je niet wil missen opnemen op video.
Binnenkort : programma op aanvraag bekijken wanneer je wil via digitale tv.
Nu : bankieren via PC-banking.
Binnenkort : bankieren via je afstandsbediening op digitale tv.
(vraag : heeft Partena nu reeds contact met Belgacom/Telenet voor on-line kantoor ?)
3. Telefoneren via internet
Skype is gratis telefoneren over internet. Via de peer-to-peer technologie (technologie die gebruikt werd voor Kazaa, om muziekbestanden te delen en down te loaden), wordt een krachtig telefoniesysteem mogelijk.
"Skype is based on the same FastTrack P2P network that Kazaa and other file sharing tool utilize. Unlike Yahoo Messenger Skype relies on a P2P (peer-to-peer) network, meaning that the voice packets being sent do not go over a centralized server that redistributes them, but are sent directly between users.
The advantage(s) of this over other similar new services like Vonage and Free World Dialup is that Skype does not rely on a centralized infrastructure to maintain the directory of users and to route each and every call. This means that for those services based on a centralized infrastructure costs scale proportionally with their user base while providing quality and reliability becomes always more difficult to achieve."
Je kan met vijf mensen tegelijk telefoneren, je kan tijdens het praten tekstboodschappen naar de tegenpartij sturen, je kan bestanden uitwisselen...
4. In de praktijk
Stel je deze toekomst voor :
Klant van Partena zit voor zijn televisie; hij start het on-line kantoor op. Hij raadpleegt zijn terugbetalingen - maar denkt dat er iets niet klopt. Hij klikt op de knop 'Start een gesprek met onze on-line adviseur' - en er start een internet-telefonie gesprek.
De on-line adviseur geeft wat uitleg over de terugbetalingen, en stuurt tegelijk een excel-bestand door naar de klant met een overzicht van de terugbetalingen...
http://www.crystalvoice.com/Clicktotalk_demo.htm
D. De Browser als OS
1. Inleiding
Met die versmelting van verschillende media, zie je dat mensen dingen doen via verschillende machines (gsm, laptop, televisie...).
Dit heeft twee gevolgen :
- gegevens (data) moeten naadloos beschikbaar zijn van de ene machine op de andere.
Ik wil mijn e-mails kunnen lezen en mijn agenda kunnen bekijken, zowel op mijn desktop computer, als op mijn pocket-pc, als op mijn GSM.
Ik wil toegang krijgen tot mijn bankgegevens, via verschillende media, zonder dat ik gegevens moet overdragen tussen die verschillende media.
= data moet centraal, op het netwerk staan, en niet langer lokaal op de computer.
- applicaties moeten zonder problemen werken zijn in de verschillende OS'en van de verschillende media.
Of ik nu mijn bankgegevens bekijk op mijn Apple desktop, op mijn Windows laptop, op mijn Pocket PC, op mijn GSM, op mijn webtv - ik wil dat de applicatie werkt en er hetzelfde uitziet.
= applicaties moeten platform-onafhankelijk zijn.
Het antwoord op beide vragen is 'de browser als OS'. Een applicatie (e-mail programma, bankprogramma...) wordt niet meer geschreven om geïnstalleerd te worden op een computer. Het wordt geschreven om toegankelijk te zijn via de browser. Of die browser nu draait op Windows, Apple, Pocket PC, Webtv - maakt niet uit.
2. Hotmail.com
Er zijn twee manieren om e-mail te bekijken. Je kan dit web-based doen, zoals bij Hotmail, of je kan dit in een e-mail programma zoals Outlook doen.
In Outlook heb je heel wat mogelijkheden : je kan je e-mails doorzoeken, je hebt betere opslagmogelijkheden en sorteermogelijkheden, je kan linken naar je agenda of je contactpersonen...
Grote nadeel : alles staat op je computer. Je moet een programma installeren op je desktop, en dan zit je daar aan vast.
Veel gebruikers geven de extra features van een e-mail programma als Outlook op, om via een web-based programma te mailen.
Of ze nu op reis in een internetcafé zitten, of in de bibliotheek, of op het werk achter een PC, of thuis achter hun Apple laptop - ze gaan naar een webpagina, loggen daar in en kunnen mailen.
Geen programma's te installeren, gegevens zijn van overal beschikbaar...
3. PC-banking
Banken investeren al jaren in PC-banking. Ze zijn overgeschakeld van lokaal te installeren programma's naar applicaties die via het internet, in de browser, raadpleegbaar zijn.
De gegevens bv. van uw aandelenportefeuille bekijk je liefst via internet - waarbij de waarde van elk aandeel live ingevuld wordt met de koers van de dag.
Om dit te kunnen doen, is er wel een serieuze 'back-end' operatie nodig geweest. De achterliggende gegevens en data van de klanten zaten vroeger bij de banken verspreid over verschillende plaatsen en in verschillende databases.
Om de 'multi-kanaal' aanpak (zelfde dienstverlening via kantoor, internet, telecenter...) ten gronde te kunnen doorvoeren, heeft men één centrale gegevensbank nodig, met daarop applicaties die platform onafhankelijk draaien.
4. Blogger & Flickr
Bewaren en publiceren van teksten en foto's online.
5. In de praktijk
Platform-onafhankelijk werken voor het internet houdt op dit moment in dat je website gebouwd is volgens de webstandaarden.
Het W3C (World Wide Web Consortium) is de organisatie die deze standaarden ontwikkelt en publiceert.
Om ervoor te zorgen dat websites en webapplicaties op verschillende platformen werken, én naar de toekomst toe blijven werken, heeft het W3C de huidige standaard voor het web, XHTML, uitgewerkt. Dit is gebaseerd op XML, een standaard gegevens-uitwisseling taal.
Trends in e-business werd geschreven door Bart op 05-11-2004 (1284 dagen geleden) - Share!



